Schaak Combinatie Leeuwarden

Beste schaakvrienden! Na een kortstondige en schandalige periode van “rommelschaak” en “casinoschaak” wordt het hoog tijd dat ik aan mijn rating ga werken. Mijn rating is (blijkens de ratinglijst van 1 februari) inmiddels afgedaald naar de (nadagen van de) Gouden Eeuw (1692). Wat een treurigheid, zult u zeggen! Nou verkondigde ik altijd met luide stem in de kantine (met een goudgele rakker in mijn hand) dat ik met schaken zou stoppen als ik onder de 1700-grens zou komen, maar goed, u kent mij. Dat was grootspraak.

Zo’n rating zegt natuurlijk niet alles, maar laten we eerlijk zijn, een flinke daling ervan is voor een schaker hetzelfde als het krimpen van de spierballen is voor een bodybuilder. Dat het beste er nu toch echt wel vanaf is. Een kleine karakterschets. Oordeel zelf.

0-1000             : Dom is natuurlijk een achterhaald begrip, maar toch. Bijna onmogelijk om in deze categorie te belanden. Grootmeester worden is eenvoudiger. Tot deze groep schakers behoren overwegend kinderen met een leerachterstand of volwassenen die principieel weigeren de loop van de stukken te leren kennen. 

1000-1200        : Deze schakers kennen de loop van de stukken, maar, daar kunnen we eerlijk over zijn, voor de rest doen ze maar wat. Gierend van de lach – want pret hebben ze voor tien – geven ze aan de lopende band stukken weg. In deze categorie spelen ze opvallend vaak door, nadat ze mat zijn gezet. Lieve mensen, maar je wint er de oorlog niet mee. Het was deze groep schakers, waarvan Jezus tegen zijn discipelen zei: “Vergeef hen: ze weten niet wat ze doen”. (Of was het Peter Brouwer, onze competitieleider, die dat zei? Die twee haal ik altijd door elkaar).

1200-1400        : In deze categorie beginnen de praatjes al te komen. Hier weten ze wat Spaans en Italiaans is, maar na zet 4 zijn ze het spoor bijster. Spelen gerust door met een Dame en twee torens minder. Dit zijn de schakers die in de rookruimte met luide stem verkondigen dat het nog alle kanten op kan gaan, terwijl ze in de zaal al mat zijn gezet.

1400-1600        : Deze schakers bieden opvallend vaak – uit pure angst – remise aan. Speel altijd door, grote kans dat ze gaan blunderen. Vinden zichzelf, als ze wat beter hun best zouden doen (maar dat komt er gek genoeg zelden van), “eigenlijk” 1700+ spelers.. (yeah, right). Het stemt tot louter dankbaarheid dat zij hun rating nooit ontgroeien. Hun bijdrage aan de baromzet houdt immers de contributie op haar huidige niveau.

1600-1800       : In deze categorie zitten de schakers met een evenwichtig karakter. De aardige mensen. Ze hebben het schaakspel begrepen, maar hebben geen zin om zich urenlang te verdiepen in slaapverwekkende schaakstudies. Zij weten dat het leven meer te bieden heeft dan schaken alleen (en ja, beste schaakvrienden, inderdaad, ik zit héél toevallig ook in deze categorie!).

1800-2000        : Deze schakers zijn bloedfanatiek, hebben wel eens een smoezelig schaakboekje doorgeworsteld, en hebben zich ooit uitgebreid in het omineuze “eindspel” verdiept, en menen dat ze met ellenlange verhandelingen hierover, indruk maken bij de vrouwtjes (not). Zitten zo extreem lang achter het schaakbord, dat hun ondergoed bijkans uitsluitend nog operatief verwijderbaar is.

2000+              : De intellectuelen van de schaaksport. Vreselijke betweters. Hier geldt: hoe hoger de rating, hoe geschifter. Over het algemeen hele nette jongens. Zetten iedere avond keurig hun broek in de hoek.

Tot slot wil ik een lans breken voor ons schakers. We zijn misschien rare snuiters (nerds), maar laten we ons troosten: onze maatschappij kent vele individuen die er nog véél erger aan toe zijn! Onze-Lieve-Heer heeft vreemde kostgangers tenslotte (lijmsnuivers, politici, dammers). Zo las ik laatst bij de afhaalchinees in het kwaliteitsblad Panorama dat er bij EHBO-posten regelmatig mensen worden binnengebracht die vreemde voorwerpen hebben ingebracht in hun achterste: een gloeilamp, een mobieltje, een appel, een colafles (auw?) en geloof het of niet: een nietapparaat! Zulke rariteiten zijn de gemiddelde schaker vreemd.. toch? Heeft u ooit gehoord van een schaker die met een schaakklok in zijn hol bij een EHBO-post verscheen? Inderdaad, nee! Nou dan! Hooguit wordt er in de schaakzaal geroepen dat iemand die schaakklok in zijn reet kan steken, maar het lijkt me sterk dat daar ooit gevolg aan is gegeven. Laten we trots zijn als schakers! (ongeacht de rating!)

WOLF