“Huilende kinderen, dat is al helemaal onverdraaglijk, omdat de schaker zelf op dat ogenblik als ie zit te spelen min of meer een baby is die met speelgoed bezig is.” (J.H. Donner)
Beste schaakvrienden! Thans spreekt tot u Wolf: De charismatische, voor vrouwen met ronde billen woest aantrekkelijke schaakcolumnist! Althans, dat wordt beweerd. Door wie? Geen flauw idee. Doet er ook niet toe (Geen tijd voor flauwekulletjes, heren!). Good Old (naam a) (ik mag (koosnaam) zeggen!) heeft mij wederom gestrikt een intellectuele bijdrage te leveren aan het Philidor Jaarboek, evenwel onder de voorwaarde dat ik Philidor “eens flink zou bashen”. Gekrenkte Philidor-zieltjes dienen zich derhalve te vervoegen bij hun geachte secretaris. Gelet op (koosnaam) huidige snelheid van administratieve afhandeling – hij heeft het razend druk met de financiële afwikkeling van een ontmantelde wietkwekerij – zullen klachten helaas tergend traag worden behandeld. Bespaar u de moeite zou ik zeggen.
Laten we er niet omheen draaien, beste vrienden: Schakers sporen niet, en hoe beter ze schaken, hoe idioter ze zijn. Zo is het en niet anders! Wie zich aanmeldt bij Philidor 1847 (de club met, jawel, de allerbeste schakers van Friesland) komt dus (één en één is twee tenslotte) terecht bij het allergrootste rariteitenkabinet van Friesland. Jaren geleden schreef ik al dat een verdwaalde chimpansee – met name door zijn uiterlijke kenmerken – niet zou opvallen bij Philidor, en dat ie zichzelf hooguit zou kunnen verraden doordat zijn omgangsvormen beter zijn. Zelfs aan het eind van de avond, als hij bij (naam b) de genuttigde consumpties wil afrekenen, valt hij niet op, aangezien hij – net als de overige aanwezigen, wier schraapzucht legendarisch is – slechts peanuts betaalt. Onwillekeurig dwalen mijn gedachten af naar uw oud-voorzitter, de Zeeuwse (naam c). (Geen cent teveel hoor!).
Als u overigens een vermakelijk schouwspel wilt gadeslaan, moet u eens voor aanvang van een Philidor-schaakavond bij de deur plaatsnemen. Gewoon kijken wat voor schilderachtige figuren er binnenwandelen! (namen a en d), die zuchtend en steunend voor de 10.000e keer de borden moeten klaarzetten. Je ziet dat ze er klaar mee zijn. Die werkschuwe schakers ook die nooit eens meehelpen! (Het gerucht gaat dat ze uit pure verbittering de laatste jaren extra vroeg arriveren om met zijn tweeën de schaakstukken met urine te besprenkelen, nadat ze zijn klaargezet! Ach ja, geef ze eens ongelijk!) De gezworen vrienden (namen e en f), hand in hand uiteraard, die de schaakavond wederom gaan opleuken door het etaleren van de hen zo typerende humor! (naam g), ogenschijnlijk net uit bed gerold, nadat ie een boze droom heeft gehad over een verklede Paashaas in een supermarkt! (naam h), het enige Philidor-lid met normale schoenen! (en ja, dan ogen ze al snel modieus!). De fanatieke schaakjunk (naam i), die de zaal binnenbeent (ogend als Breivik op zomerkamp), hunkerend naar een te winnen schaakpartij! (naam j), onbetwist de schaker met de meest intellectuele uitstraling van Philidor (en die tevens een opmerkelijke gelijkenis vertoont met de zanger van (bandnaam), toen die het nummer (naam nummer) ten gehore bracht). Al met al een hilarische aanblik! De omstandigheid dat in dit kleurrijke gezelschap als voorzitter is komen bovendrijven Keurige (naam h), moet voor allen een geruststellende gedachte zijn.
Niettemin, eerlijk is eerlijk, er zijn wel degelijk ook minder leuke kanten aan Philidor 1847. Eén van de redenen (naast de infantiele T-shirts van de Celebrities) waarom een weldenkend mens in geen 1847 jaar lid wil worden van Philidor:
Philidor heeft jeugd! brrrrrrrrr…..
Jeugdschakers behoren tot het meest afschuwelijke soort in de schaakwereld. Of, nóg erger: De door misplaatste oudertrots geplaagde vaders en moeders die opvoedkundigverantwoord staan mee te loeren, terwijl jij hun “kids” (brrr.. jeuk) het liefst een corrigerende tik op hun bakkes wilt geven. Neem nou dat jeugdtoernooi, georganiseerd door Philidor, waar ik een paar maanden geleden per ongeluk belandde. Een waar oorlogsgebied!
De apotheose werd evenwel gevormd door de prijsuitreiking, een cabaretstukje van de bovenste plank! (zelden heb ik meer gelachen) De ADHD-schaakkids renden zo druk heen en weer (omdat ze allen ten minste tien liter cola naar binnen hadden geslurpt) dat een normale prijsuitreiking volstrekt onmogelijk was! Iedere jeugdspeler kreeg, als ie in het fysieke bereik viel van (naam a), razendsnel een medaille omgehangen! Zelfs (naam b), de barmedewerker, die op handen en voeten door de puinhopen schuifelde om colaflesjes te rapen, kreeg een blinkende medaille omgehangen. Een hartelijk applaus viel hem ten deel! Wat schetste mijn verbazing: Een paar dagen later werd op de Philidor-site gemeld dat het verkeerde team tot winnaar was uitgeroepen!
Als afsluiting wilde ik me gaan bemoeien met de discussie, kennelijk gevoerd door een sujet die overduidelijk niet door enige kennis van zaken werd gehinderd, of Philidor 1847 wel of niet de oudste schaakclub van Nederland is (die er samenvattend op neerkomt dat Philidor 1847 niet zou kunnen bogen op “continuïteit”). Maar ook ik (of beter: zelfs ik) kwam na maanden diepgravend onderzoek tot de conclusie dat Philidor 1847 wel degelijk de oudste, althans de meest oubollige, schaakvereniging van Nederland is! Belegener vind je ze niet! Eenieder die de zure lucht, die iedere schaakavond van Philidor 1847 kenmerkt, zintuiglijk waarneemt, zal het moeten beamen!
Als er na het lezen van het voorgaande nog Philidor-leden zijn die zich niet beledigd voelen, spijt me dat oprecht.
WOLF